Tijdelijke castratie

Iedere hondeneigenaar met een reu in huis komt een keer voor de keuze: laat ik hem castreren of niet? Een keuze die vaak niet makkelijk is. Hoewel de ingreep niet zo groot is, laten de meeste
eigenaren hun reu toch niet zómaar castreren. Daar moet wel een reden voor zijn. Bovendien kun je een castratie niet even ‘uitproberen’, want een chirurgische castratie is definitief.

Castratie van de reu is letterlijk en figuurlijk een gevoelig onderwerp.

Er is een aantal redenen waarom castratie wenselijk zou kunnen zijn, zoals:
· Dominant gedrag naar andere honden toe
· Overmatig en ongewenst seksueel gedrag, zoals veelvuldig rijden op andere honden of tegen
mensen aan
· Onvruchtbaar maken van de reu
· Een terugkerende en hardnekkige voorhuidontsteking.

Tot voor kort was de enige manier om een reu te castreren een chirurgische ingreep. Hierbij worden de beide testikels van de reu operatief verwijderd. De ingreep is, door de verwijdering van beide
testikels, definitief en dus onomkeerbaar. Na de operatie is het dier nog zeer korte tijd in staat nakomelingen te verwekken. Het duurt namelijk even (soms tot een week of iets langer) voordat de
reu niet meer vruchtbaar is. Het duurt wel langer voordat de bloedspiegel van de geslachtshormonen,zoals testosteron, daalt.
Sinds 2008 is in Nederland een alternatief voor chirurgische castratie beschikbaar. Dit alternatief bestaat uit een implantaat dat, net als een identificatiechip, met een naald onder de huid wordt
ingebracht. Het kleine staafvormige implantaat geeft een voortdurende lage dosering hormoon af dat effect heeft op de productie van de geslachthormonen van de reu. Het implantaat zorgt namelijk voor een remming van de productie van deze hormonen met als gevolg een tijdelijke onvruchtbaarheid, die zes maanden duurt. In 2011 is er een implantaat bijgekomen dat 12 maanden werkzaam is.

Voorafgaand aan de remming vindt een kortdurende stimulatie plaats, waardoor de testosteronspiegel in het bloed kan stijgen. De stimulatie treedt binnen 1-2 uur op nadat het implantaat is toegediend.Hierdoor is het mogelijk dat de effecten van testosterongerelateerde processen kunnen toenemen. Bij de meeste honden valt deze stijging niet op. Sommige reuen kunnen bijvoorbeeld wat drukker worden en (nog meer) typisch reuengedrag laten zien. Bij het merendeel van de reuen daalt het testosteron na 9-21 dagen echter fors tot onder het vruchtbaarheidsniveau. Bij gebruik van het implantaat dat 12 maanden werkt kan dit wat langer duren, tot soms 45 dagen. Zonder testosteron wordt ook de aanmaak van nieuwe spermacellen geremd en het libido (de‘geslachtsdrift’) onderdrukt. De hond wordt daarmee onvruchtbaar en krijgt minder interesse in het
vrouwelijk geslacht. Deze onvruchtbaarheid wordt bereikt vanaf 6 weken na de eerste behandeling, of 8 weken bij het implantaat dat 12 maanden werkt. Behandelde honden dienen daarom de eerste 6
(resp. 8) weken na de behandeling weggehouden te worden van loopse teefjes. Sommige honden worden rustiger en minder dominant wanneer het testosteron is gedaald. Net als bij een chirurgische
castratie hoeft dit echter niet altijd zo te zijn. In het algemeen geldt dat het blokkeren van testosteron niet altijd tot (de gewenste) effecten hoeft te leiden. Zo blijft ongeveer 27,3% van de chirurgisch gecastreerde honden nog steeds seksueel gedrag vertonen. Hetzelfde percentage kan worden verwacht bij toediening van het implantaat. Dekgedrag hoeft dus niets met vruchtbaarheid te maken
te hebben. Het is goed daar vooraf bij stil te staan en u uitgebreid voor te laten lichten door uw dierenarts.
Het implantaat is oplosbaar en raakt na verloop van tijd vanzelf uitgewerkt. Het is hiermee mogelijk geworden een reu tijdelijk te castreren. De werkzaamheid van het middel is te controleren doordat de testikels van de reu na enkele weken in grootte zullen afnemen, gemiddeld met ongeveer 30%. De duur van de onvruchtbaarheid is afhankelijk van de individuele gevoeligheid van het dier voor de
werkzame stof, maar duurt minstens zes of twaalf maanden. Als het implantaat is uitgewerkt komt de vruchtbaarheid weer langzaam terug.